---
title: "De EU Methaanwet: van vrijwilligheid naar verantwoordelijkheid"
date: 2026-06-17T10:09:00+02:00
author: energiepodium
canonical_url: "https://ipv6.energiepodium.nl/item/de-eu-methaanwet-van-vrijwilligheid-naar-verantwoordelijkheid"
section: Items
---
## Metadata

- **Type**: Column
- **Datum**: 17-06-2026
- **Thema’s**: Beleid &amp; Markt, Transitie &amp; Klimaat
- **Tags**: [Europa](https://ipv6.energiepodium.nl/tags/europa), [Methaan](https://ipv6.energiepodium.nl/tags/methaan)
- **Auteur(s)**: Margriet Kuijper

## Inhoud

![Banner Header Energiepodium](https://ipv6.energiepodium.nl/assets/img/photos/Banner-Header-Energiepodium_2026-06-17-080532_pfbx.png)

<p><span>Ik loop inmiddels bijna dertig jaar mee in de wereld van energie en milieumanagement. In die tijd heb ik één patroon vaak zien terugkeren. Bedrijven vinden het meestal prima om onderzoeken uit te voeren, pilots te starten, samenwerkingsverbanden op te zetten en deel te nemen aan vrijwillige initiatieven. Maar zodra vrijwilligheid plaatsmaakt voor concrete verplichtingen ontstaat vrijwel altijd weerstand. De argumenten zijn voorspelbaar: het is te duur, producten worden duurder, fabrieken gaan sluiten, er zijn nog te veel onzekerheden, er is meer tijd nodig voor onderzoek en implementatie.</span></p>
<p><span>Het interessante is dat wanneer overheden voet bij stuk houden en regelgeving toch invoeren, achteraf meestal blijkt dat de voorspelde rampscenario's niet uitkomen. Uit een </span><a href="https://www.pew.org/-/media/assets/2011/03/industry-clean-energy-factsheet.pdf"><span>analyse van de Pew Environment Group</span></a><span> blijkt dat de benodigde aanpassingen dan toch haalbaar zijn, de kosten lager uitvallen dan voorspeld, en bedrijven blijken vaak veel innovatiever zijn dan zij zelf vooraf hadden aangegeven.</span></p><p><span>Hier moest ik de afgelopen maanden regelmatig aan denken toen de discussie over de Europese Methaanverordening steeds verder escaleerde. Voor- en tegenstanders zwaaiden met rapporten die zouden bewijzen dat de regelgeving juist zeer effectief en goed uitvoerbaar is, of juist onwerkbaar en een groot risico voor de leveringszekerheid. De Amerikaanse ambassadeur bij de EU </span><a href="https://www.ft.com/content/bf1b0bb0-eea9-4336-bf5a-fad5117a33c6"><span>waarschuwde zelfs voor een energiecrisis</span></a><span> als de regelgeving niet zou worden aangepast.</span></p>


### Het probleem<p><span><strong>Wat is het probleem eigenlijk?</strong></span></p><p><span>Methaan is een zeer krachtig broeikasgas. Volgens schattingen is ongeveer 30 procent van de mondiale temperatuurstijging tot nu toe, toe te schrijven aan toenemende methaanconcentraties in de atmosfeer.</span></p>

> “Dat is van vergelijkbare grootte als de hoeveelheid LNG die jaarlijks via de Straat van Hormuz wordt vervoerd.”

<p><span>Bij olie- en gasproductie komt methaan vrij door een combinatie van geplande emissies (door ontwerpkeuzes en operationele processen) en ongeplande emissies (lekkages en incidenten). De mondiale methaanverliezen uit de olie- en gassector bedragen naar schatting </span><a href="https://www.iea.org/reports/global-methane-tracker-2026/key-findings#abstract"><span>ongeveer 120 miljard kubieke meter aardgas per jaar</span></a><span>. Dat is van vergelijkbare grootte als de hoeveelheid LNG die jaarlijks via de Straat van Hormuz wordt vervoerd.</span></p><p><span>Het terugbrengen van deze emissies naar 'near-zero' niveaus – vergelijkbaar met wat in Noorwegen inmiddels gebruikelijk is – zou daarom niet alleen grote klimaatvoordelen opleveren, maar ook bijdragen aan energie-efficiëntie en leveringszekerheid.</span></p>


### Waarom wordt hier nog zo weinig aan gedaan?<p><strong>Snifferhonden</strong></p><p><span>Dat methaanemissies een belangrijke klimaatimpact hebben is al decennialang bekend. Rond de eeuwwisseling was ik als hoofd Milieu bij de NAM betrokken bij een industriebreed programma om de methaanemissies zoveel mogelijk terug te dringen. Daarbij werden oplossingen toegepast zoals restgassen opnieuw op druk te brengen of te gebruiken voor energieopwekking. Ook de diffuse emissies (heel kleine bronnen en lekkages) werden al gemonitored met behulp van vaste infrarood detectiesystemen en snifferhonden. Leuk om te zien dat</span><a href="https://www.intero-integrity.com/services/leak-detection-with-sniffing-dogs"><span> honden nog steeds gebruikt</span></a><span> worden ondanks alle verbeteringen van detectietechnologie in de tussentijd.</span></p><p><span>Wat mij toen al opviel was hoe groot de verschillen waren tussen landen. Sommige verschillen zijn technisch verklaarbaar – geen twee olie- of gasvelden zijn hetzelfde – maar dat verklaarde lang niet alles. Gesprekken met collega's in andere landen maakten duidelijk dat regelgeving en handhaving vaak veel bepalender waren dan geologie.</span></p><p><span>Dat is nog steeds zichtbaar. Landen als Noorwegen en Nederland presteren structureel beter dan het mondiale gemiddelde. Niet omdat hun bedrijven fundamenteel anders zijn, maar omdat duidelijke regels en consequente handhaving leiden tot andere keuzes.</span></p><p><span>De industrie wijst terecht op de vele vrijwillige initiatieven die de afgelopen twintig jaar zijn ontstaan. En dat is inderdaad een indrukwekkende lijst. Een paar voorbeelden: het Global Methane Initiative (2004), het Oil and Gas Methane Partnership (2014), de Methane Guiding Principles (2017), de Global Methane Pledge (2021) en het Oil and Gas Decarbonisation Charter (2023). Ik twijfel niet aan de goede bedoelingen van veel mensen die hierbij betrokken zijn. Integendeel, ik ken veel professionals die zich hier jarenlang met overtuiging voor hebben ingezet. Maar uiteindelijk moeten we kijken naar de resultaten. En die zijn op mondiaal niveau teleurstellend. Volgens recente cijfers van het Internationaal Energieagentschap zijn de methaanemissies uit de energiesector sinds 2000 nauwelijks afgenomen. Afgezien van de tijdelijke dip tijdens de Covid-pandemie zijn de emissies zelfs licht blijven stijgen.</span></p>

![Afbeelding1](https://ipv6.energiepodium.nl/assets/img/photos/Afbeelding1_2026-06-17-075659_tnun.png)

<p><span>Dat betekent niet dat vrijwillige initiatieven nutteloos zijn geweest. Sommige bedrijven en landen hebben laten zien dat zeer lage methaanemissies technisch haalbaar zijn. Maar het betekent wel dat vrijwilligheid alleen onvoldoende is gebleken om de hele sector wereldwijd in beweging te krijgen. De schatting is dat met bewezen beleid en regelgeving meer dan 50% van de emissies gereduceerd kan worden.</span></p>

![Afbeelding2](https://ipv6.energiepodium.nl/assets/img/photos/Afbeelding2_2026-06-17-075741_mliq.png)

<p><span>Daarom is het logisch dat de EU concludeert dat het tijd is voor een volgende fase: van vrijwillige toezeggingen naar bindende verplichtingen.</span></p>


### De EU Methaanwet<p><span><strong>Wat regelt de EU Methaanwet?</strong></span></p><p><span>De </span><a href="https://energy.ec.europa.eu/topics/carbon-management-and-fossil-fuels/methane-emissions_en"><span>Europese Methaanverordening</span></a><span> (EU/2024/1787) is sinds augustus 2024 van kracht. De verordening bevat verplichtingen voor lidstaten, Europese olie- en gasproducenten en importeurs van fossiele brandstoffen naar de EU. Vanaf 2025 gelden al rapportageverplichtingen. Vanaf 2027 moeten importeurs voldoen aan eisen voor monitoring, rapportage en verificatie (MRV). In 2028 is al de eerste formele review en kan de wet zelf weer ook nog aangepast worden. Pas vanaf 2030 worden eisen gesteld ook aan de methaanintensiteit van geïmporteerde olie en gas.</span></p>


### De zorgen<p><span><strong>Wat zijn de zorgen?</strong></span></p><p><span>In het algemeen zijn er nog veel onzekerheden die volgens tegenstanders kunnen gaan leiden tot grote problemen voor zowel Europese producenten als importeurs. </span></p><p><span>Gerda Verburg van ElementNL waarschuwde dat offshore operators mogelijk gedwongen zouden worden om enorme aantallen potentiële emissiepunten fysiek te meten en dat door de additionele kosten daarvan de Nederlandse gasproductie sneller zou gaan afnemen. Jan-Willem van den Beukel van Vemobin wees op de beperkte beschikbaarheid van olie die voldoet aan de nieuwe eisen en dat raffinaderijen daardoor mogelijk moeten gaan sluiten. ExxonMobil en andere bedrijven hebben gewaarschuwd voor hogere kosten, verlies van concurrentievermogen en hogere brandstofprijzen voor consumenten. De industrie heeft deze zorgen en vooral de doemscenario’s laten uitwerken in een </span><a href="https://www.fuelseurope.eu/publications/publications/eu-methane-regulation-risks-severe-disruption-to-europes-oil-and-gas-supply-from-2027"><span>rapport van Wood Mackenzie</span></a><span>.</span></p><p><span>Tegelijkertijd zijn er ook meer neutrale analyses verschenen, bijvoorbeeld van de </span><a href="https://researchportal.helsinki.fi/en/publications/eu-methane-regulation-and-its-impact-on-lng-imports/"><span>Universiteit van Helsinki</span></a><span> en het </span><a href="https://www.bruegel.org/analysis/future-european-union-gas-imports-balancing-different-objectives"><span>Bruegel Instituut</span></a><span>. Die erkennen ook sommige zorgen, bijvoorbeeld de juridische en praktische onzekerheden, maar schetsen een minder dramatisch beeld van de gevolgen voor de energievoorziening.</span></p>


### De soep<p><span><strong>Hoe heet wordt de soep werkelijk gegeten?</strong></span></p><p><span>Op basis van de huidige tekst van de verordening lijken sommige doemscenario's vooralsnog zeer onwaarschijnlijk. Er bestaat namelijk aanzienlijke ruimte voor lidstaten en toezichthouders om proportioneel en risicogestuurd te werk te gaan. Dat lijkt ook logisch. Landen als Nederland en Noorwegen behoren al tot de best presterende producenten ter wereld op het gebied van methaanbeheersing. Een mooie eerste fase ambitie zou zijn om meer landen (in de EU en elders) op hetzelfde niveau te krijgen. Dat werkt motiverender dan om te stellen dat geen enkel land voldoet. Het Staatstoezicht op de Mijnen </span><a href="https://www.sodm.nl/actueel/nieuws/2026/05/26/tno-quickscan-methaanuitstoot-energiesector-beperkt-en-sterk-gedaald"><span>heeft inmiddels aangegeven</span></a><span> een risicogestuurde aanpak te willen hanteren bij de implementatie van de regelgeving.</span></p>

> “Het echte probleem is de onzekerheid.”

<p><span>Verder is het onjuist dat vanaf 2027 </span><a href="https://cdn.catf.us/wp-content/uploads/2026/03/09224246/media-memo-eumr.pdf"><span>automatisch een verbod</span></a><span> ontstaat op alle olie- en gasimporten die niet volledig voldoen aan de MRV-eisen. Wel volgen dan mogelijk boetes. Die boetes moeten proportioneel zijn en zijn geen harde belemmering voor import. Bij het vaststellen van de hoogte van de boetes </span><a href="https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-16479-2025-INIT/en/pdf"><span>mag rekening worden gehouden</span></a><span> met andere belangen zoals leveringszekerheid. </span></p><p><span>Dat betekent niet dat er geen probleem is. Het echte probleem is de onzekerheid. Bedrijven kunnen zich aanpassen aan regels. Wat veel moeilijker is, is investeren of langlopende contracten afsluiten wanneer niet duidelijk is hoe die regels uiteindelijk zullen worden geïnterpreteerd en gehandhaafd.</span></p>


### Verantwoordelijkheid<p><span><strong>Van vrijwilligheid naar verantwoordelijkheid</strong></span></p><p><span>De Europese Methaanverordening is niet perfect. Er zijn terechte vragen over handhaving, certificering, equivalentie en de hoogte van mogelijke sancties. Die vragen verdienen snel een antwoord. Juist duidelijkheid over de praktische implementatie is nodig voor investeringen in MRV en emissiereductie en om de onzekerheden voor langere termijn contracten te verminderen.</span></p><p><span>Maar het is goed om te beseffen hoezeer het debat over methaan de afgelopen twintig jaar is veranderd. Toen de eerste internationale methaaninitiatieven werden gelanceerd, bestond er nog discussie over de omvang van het probleem, de technische haalbaarheid van reductiemaatregelen en de kosten daarvan. Vandaag is dat grotendeels anders. Vrijwel niemand betwist nog dat methaan een belangrijke bijdrage levert aan klimaatverandering. Evenmin bestaat er veel discussie over het feit dat een groot deel van de emissies technisch én economisch kan worden voorkomen.</span></p><p><span>Misschien nog belangrijker: veel van de ambities die ten grondslag liggen aan de Europese Methaanverordening worden inmiddels ook veel breder onderschreven. Meer dan 150 landen hebben zich via de Global Methane Pledge gecommitteerd aan een reductie van de mondiale methaanemissies met ten minste 30 procent in 2030 ten opzichte van 2020. Onder het Oil and Gas Decarbonization Charter hebben grote olie- en gasbedrijven zich zelfs gecommitteerd aan het bereiken van near-zero upstream methaanemissies in 2030. In veel opzichten is dat een ambitieuzer doel dan wat de Europese Methaanverordening momenteel voorschrijft. Ook de MRV regels zijn gebaseerd op de door de sector zelf ontwikkelde protocollen in </span><a href="https://www.ogmpartnership.org/sites/default/files/resources/2026-03/OGMP%202.0%20Level%205%20Assessment.pdf"><span>OGMP 2.0</span></a><span>. </span></p>

> “Na meer dan twintig jaar vrijwillige initiatieven is het tijd voor de volgende fase.”

<p><span>Wel moeten we eerlijk zijn over de resultaten van de afgelopen twintig jaar. Vrijwillige initiatieven hebben veel bereikt. Ze hebben kennis opgebouwd, meetmethoden ontwikkeld, bewustwording gecreëerd en aangetoond dat zeer lage methaanemissies technisch haalbaar zijn. Maar zij hebben niet geleid tot de mondiale emissiereducties waarop werd gehoopt. De methaanemissies uit de olie- en gassector zijn nog altijd hoog en de kwaliteit van metingen en rapportages blijft in veel producerende landen onder de maat.</span></p><p><span>Daarmee komen we bij een ongemakkelijke maar belangrijke conclusie. Vrijwilligheid heeft geholpen om overeenstemming te creëren over wat er moet gebeuren. Maar vrijwilligheid alleen blijkt onvoldoende om ervoor te zorgen dat het ook overal gebeurt.</span></p><p><span>Juist daarom zie ik de Europese Methaanverordening niet als een radicale koerswijziging, maar als een logische volgende stap. Niet omdat de sector niet wil veranderen, maar omdat vrijwillige ambities uiteindelijk moeten worden vertaald naar meetbare prestaties en regelgeving voor een gelijk speelveld. De eerste jaren zullen in het teken staan van leren en verbeteren. In 2028 kunnen eventuele weeffouten dan nog aangepast worden. Bij een positieve houding van alle betrokkenen moet dat haalbaar zijn. </span></p><p><span>Er staat daarbij meer op het spel dan alleen de implementatie van een Europese verordening. De wereld zal ook in een net-zero scenario nog lang olie en gas nodig hebben. Juist daarom heeft de sector er belang bij om te laten zien dat deze energie kan worden geproduceerd met minimale methaanemissies en steeds lagere CO₂-uitstoot. De reputatie van de sector als geheel kan nooit sterker worden dan de zwakste schakels. De geloofwaardigheid van de sector als constructieve speler in de energietransitie staat hiermee ook op het spel.</span></p><p><span>Na meer dan twintig jaar vrijwillige initiatieven is het tijd voor de volgende fase: van vrijwilligheid naar verplichte verantwoordelijkheid.</span></p>

